Print

Media en blog

 

 

MEDIA

 

Het Algemeen Dagblad (AD) : Verdien je minder als je een accent hebt?

Word je minder serieus genomen met een accent?

Dealen met je dialect

 

BLOG

Soms stelt een cursist mij de vraag: “Wat is er nou zo leuk aan jouw werk?”. 

Ik vind oprecht dat ik de leukste baan ter wereld heb! 
Samen met een cursist kijken wat hij / zij moeilijk vindt aan de Nederlandse uitspraak en daar dan een goed plan bij maken. 
Daar zit de uitdaging. 
Het allerbelangrijkste van zo’n plan is dat het praktisch is. 
Hup, meteen toepassen in het dagelijkse leven. 
En juist dat dagelijkse leven boeit mij zo! 
De ene keer oefen ik allerlei woorden / zinnen die te maken hebben met het voeren van een pleidooi in de rechtbank. De andere keer wordt er gekeken hoe je iemand telefonisch te woord staat of hoe al die moeilijke woorden van een gevolgde studie toch uitgesproken moeten worden. 
Op deze manier blijft mijn vak heel afwisselend en is geen dag hetzelfde. 
Daarnaast hanteer ik het idee: hoe praktischer de oefeningen, hoe sneller de uitspraak en verstaanbaarheid verbeterd worden.

Resultaat motiveert!

 

Accent

In mijn praktijk is het goed merkbaar dat steeds meer mensen hun accent willen verminderen,

Regelmatig krijg ik de vraag of ik een accent helemaal kan laten “verdwijnen”.

Limburgers en Brabanders denken dan vaak aan Chantal Janzen. Amsterdammers aan Robert ten Brink of Matthijs van Nieuwkerk.

Dat “verdwijnen” hangt van de nodige factoren af.  Wat wordt er gesproken in je omgeving? Wat is er nodig op de werkvloer of aan de telefoon?

Tijdens de intake vindt er een communicatieonderzoek plaats.

Hierbij wordt gekeken hoe jouw accent klinkt ten opzichte van het Standaard Nederlands. Vervolgens krijg je aanwijzingen hoe je jouw uitspraak kan “ombuigen” en tot slot stellen we een oefenprogramma op waarbij de nadruk ligt op je dagelijkse activiteiten zowel thuis als op de werkvloer. Ook wordt er een inventarisatie gemaakt van je doelen: Betere verstaanbaarheid aan de telefoon? Groter visitekaartje van het bedrijf? Behoud van je baan? Vergroting van een kans op de arbeidsmarkt?

Op een dag werd ik gebeld door M.

M. werkte voor een grote verzekeringsmaatschappij.

Ze was boos over het feit dat ze geen promotie had gekregen terwijl ze vond dat ze die absoluut verdiend had.

Haar leidinggevende had als reden opgegeven dat haar Amsterdamse accent storend en afleidend werkte in onderhandelingen of aan de telefoon.

Hoewel ze baalde van het mislopen van haar promotie wilde ze er alles aan doen om in de volgende ronde meer kans te maken.

Na de intake en het communicatieonderzoek stelden we een duidelijk oefenprogramma op . Een van de oefeningen was dat ze “moeilijke” woorden op een post-it briefje schreef. Dit briefje plakte ze op verschillende plekken in haar huis. Iedere keer als ze dit briefje vervolgens tegen kwam las ze hardop de woorden voor.

Dit ontging haar man uiteraard niet. Hij was een Amsterdammer , opgegroeid in de Jordaan, en hij bekeek het hele leerproces met argusogen. Hij gunde zijn vrouw absoluut de promotie maar gaf ook aan dat haar nieuwe manier van spreken hem nog vreemd in de oren klonk.

Ze heeft hem vervolgens duidelijk uitgelegd wat haar doel was: het behalen van die promotie en dat ze haar spreken vooral op de werkvloer zonder het Amsterdamse accent wilde. Hiervoor was echter oefening vereist en dat wilde ze , naast het oefenen op haar werk, ook thuis doen. Mocht haar spreken zonder veel moeite en zonder een sterk Amsterdams accent zijn, dan zou ze deze manier van spreken alleen nog toepassen op haar werk ( “Jas aan” “Jas uit” effect).

Totaal onverwachts kreeg ze alsnog de door haar begeerde promotie. Haar leidinggevende was onder de indruk van haar wilskracht en vond haar vermindering van het Amsterdamse accent dusdanig dat haar nieuwe manier van spreken ruim voldoende was voor de nieuwe positie.

 

Toekomst

Met anderstaligen werken houdt automatisch in dat je iets over de cultuur van iemands land hoort.
Af en toe zijn deze verhalen grappig, vaak informatief en soms verbazingwekkend.
Bijgebleven is het verhaal van mijn cursist (A.)uit Taiwan.

Hoe harder het regende, hoe vrolijker hij werd.

Zijn verhaal hierachter was het volgende:

A’s ouders vonden scholing erg belangrijk. Een 9 was niet goed genoeg. Hij moest zich blijven ontwikkelen. Zijn dagindeling bestond uit leren , naar school gaan en zijn ouders helpen in hun eigen zaak. Op dagen dat de zon niet scheen, waren er minder klanten en kreeg hij vrijaf om iets voor zichzelf te doen.

Regen vond hij dan ook zalig! Het gaf hem een gevoel van vrijheid.

Het gezin waaruit A. kwam, bestond uit vader , moeder , 3 zussen en 1 zoon ( A).

Al jong had A. bedacht dat de wereld groter moest zijn dan zijn eigen land.

Hij stond te popelen om die wijde wereld te verkennen maar zijn ouders hielden dat tegen.

Op een dag besloot hij een orakel te raadplegen, iets waar zijn ouders een heilig ontzag voor hadden ( Hij overigens ook).

Dit orakel gaf aan dat hem grootse dingen te wachten stonden in een land overzee.

Hij werkte op dat moment als informaticus voor een bedrijf en toen dit bedrijf iemand zocht, die voor 3 jaar naar Engeland wilde, meldde hij zich direct aan.

Het leven in Engeland was een hele nieuwe ervaring. A. vond het prettig om nieuwe mensen te leren kennen, verbaasde zich over de , in zijn ogen, “vreemde” gebruiken, genoot van het weer ( regen!) en vond het prima om 1x per week met zijn ouders te Skypen.

Toen het bedrijf hem vroeg of hij nog eens 3 jaar naar Nederland wilde, leek hem dat een mooie ervaring erbij.

Inmiddels waren zijn ouders minder blij over zijn plannen. Zij vonden het tijd voor de terugkeer naar Taiwan. Daarnaast werd er steeds meer druk op hem uitgeoefend om het familiebedrijf over te nemen.

Vader was inmiddels op leeftijd en ook voor zijn moeder werd het werken zwaarder.

Dat een van zijn zussen maar wat graag deze taak op zich wilde nemen werd genegeerd.

Het bedrijf moest volgens de regels over van vader op zoon en niet van vader op dochter.

Zijn leven in Nederland vond A. prettig. Hij was hier gelukkig, had vrienden gemaakt en werkte bij mij hard om zijn verstaanbaarheid te vergroten zodat hij beter kon spreken met zijn Nederlandse collega’s maar, zeker niet onbelangrijk, ook goed verstaanbaar was voor de vrouwen die hij tegen kwam tijdens het uitgaan.

Hoewel hij met heel veel liefde over zijn ouders sprak, vond hij het vervelend dat ze niet begrepen hoe belangrijk zijn huidige leven voor hem was.

Ze hadden er alles aan gedaan om hem te laten studeren, hadden zelf keihard gewerkt om zijn studie te kunnen betalen, waren trots op hem op wat hij bereikt had maar stonden er toch op dat hij hun schaafijs kraampje op de markt over zou nemen. Zij hadden , na jaren, het beste plekje op de markt veroverd. Voor hun zoon. Opdat hij een goed leven zou krijgen in Taiwan.

 

Taal en logopedie

De afgelopen jaren heb ik als logopedist vooral gewerkt met anderstaligen.
Hun motieven om zich hier in Nederland te willen vestigen zijn heel verschillend.
De een komt hierheen in het kader van gezinshereniging, de ander voor werk of de liefde.
Een ding hebben ze allemaal gemeen: het is  vaak niet gemakkelijk.
Neem nu degene die hier komen in het kader van de liefde.
Natuurlijk is er de blijdschap van het weerzien.
Vaak kan je nu dag en nacht bij elkaar zijn en dat is wat men wilde.
En toch voelt het heel anders.
Je partner gaat na een paar dagen weer aan het werk. Dat is voor de emigrant vaak niet direct weggelegd.
Soms moet er eerst ingeburgerd worden, soms is er simpelweg geen werk.
Een ding is vaak ook duidelijk, de taal moet geleerd!
In eerste instantie redden veel mensen zich nog wel in het Engels.
Nederlanders zijn er dol op om die taal te spreken en iemand een gevoel van welkom te geven.
Die "tolerantie" neemt vaak na een paar maanden of jaren af.
Dan wordt er stilzwijgend verwacht dat de taal nu toch wel gesproken wordt.
Afhankelijk van waar je vandaan komt leer je de taal wat makkelijker of moeilijker.
En dan ben je er nog niet.
Vooral Aziaten, Spaanstaligen, Russen, Oost-Europeanen en mensen afkomstig uit de Balkanlanden hebben vaak moeite zich goed verstaanbaar te maken.
Dit is het punt waarop ik, als logopedist,  kan helpen.
Bij het vergroten van de verstaanbaarheid en het verminderen van een accent, zal de kans op werk ook toenemen.
Een mooi voorbeeld hiervan is mevr. K.
Zij is afkomstig uit China en sinds een aantal jaren in Nederland.
In China was ze docent wiskunde.
Hoewel ze de nodige taalcursussen gevolgd had was het haar, vanwege haar slechte verstaanbaarheid, niet gelukt om hier een baan in het onderwijs te vinden.
Ze kwam bij mij met als doel haar verstaanbaarheid zo te vergroten dat de kans op een baan weer zou toenemen.

Samen hebben we bekeken wat haar verstaanbaarheid beïnvloedde.
Zo hebben we hard gewerkt aan "moeilijke" klanken, aan woord- en zinsaccenten, de Nederlandse intonatie etc.
Naast het werken aan haar verstaanbaarheid had mevr. K. zich ook opgegeven als vrijwilligster in een bejaardencentrum. Op deze manier werd ze gedwongen het geleerde in de praktijk te brengen en haar oefensituaties te vergroten.
Mevr. K. bleek een snelle leerlinge. Ze oefende veel, luisterde naar Nederlandse muziek en keek naar Nederlandse series op de televisie.
Na twee en een halve maand was haar verstaanbaarheid zo toegenomen dat ze een baan vond bij de GGD als gezondheidsvoorlichtster.
Niet in het onderwijs dus maar ze wilde deze kans niet laten schieten!